![]() ![]() ![]() |
Merho De Kiekeboe-verhalen worden geschreven en getekend door Robert Merhottein, kortweg 'Merho' (° 24/10/48 in Antwerpen). Reeds op jeugdige leeftijd kwam hij in contact met strips en tekenaars. Zo ontmoette hij bijvoorbeeld regelmatig 'Pom', de tekenaar van de reeks 'Piet Pienter en Bert Bibber'. Hij begon ook al vroeg zelf, gedurende zijn tienerjaren, met het tekenen van strips. [hier komen nog voorbeelden, mét afbeeldingen] Na zijn humaniora trok hij in 1966 naar Sint-Lucas in Brussel. Na zijn eindexamens kon Merho beginnen op Studio Vandersteen. Daar werkte hij mee aan de Duitse 'Jerom'-verhalen (een verhaal per week), waarbij Merho instond voor het inkten. Merho wordt opgeroepen voor het leger, maar op de korte tijd bij Vandersteen stak Merho veel op over het striptekenen als dusdanig. Gedurende zijn legerperiode gaf Merho de strip niet op, hij zorgde voor de strip 'Jager Jansens' in het soldatentijdschrift. Deze strip werd na zijn vertrek trouwens overgenomen door 'Hec Leemans' (Bakelandt, FC De Kampioenen). Merho kwam terug in dienst bij de Studio Vandersteen. Daar deed hij kleinere klussen als de decors voor Safari, werkte hij mee aan de Bessy en Karl May-strips. Daarnopvolgend nam hij de nog niet zo lang bestaande strip Pats (later Tits) over. In 1976 werd hem voorgesteld om mee te werken aan de reeks Suske & Wiske strips, wat voor Merho het moment bleek om te denken aan een eigen verdere carriere. Hij wilde graag een krantenstrip beginnen en trok naar enkele krantengroepen. Bij Het Laatste Nieuws was men net gestart met Bakelandt van 'Hec Leemans', en Merho zelf vond dat er wel een grappige reeks bij kon komen. De Wollebollen werd aanvankelijk eerder flauw onthaald op de redactie van de krant, maar Kiekeboe bleek succes te hebben bij de jeugd. Hij combineerde nog een tijd zijn eigen strip Kiekeboe met het schrijven van de Tits-scenarios voor Vandersteen (werkzekerheid), maar kon zich al snel volledig toeleggen op zijn eigen geesteskind. Het personage 'Kiekeboe' vond Merho bij het poppentheater van zijn broer Walter. Daarin speelde Kiekeboe de hoofdrol met als tegenstander de doorslechte Balthazar. Merho gebruikte de naam van beide personages, maar niet de verhalen. Hij voegde bij Kiekeboe ook een gezin, wat Kiekeboe de eerste Vlaamse strip maakte met een gewone gezinsstructuur. Merho haalt zijn inspiratie niet uit bestaande stripverhalen. Zijn grote voorbeelden zijn een hele reeks komieken en cabaretiers als Laurel & Hardy, Charlie Chaplin, Harold Lloyd, Toon Hermans, Wim Kan ... Merho ziet zichzelf meer als scenarist dan als tekenaar. "Ik ben een verhalenverteller, een scenarist die zijn eigen verhalen illustreert." De strips worden natuurlijk niet alleen door Merho gemaakt. Hij heeft een team van medewerkers, voor de tekeningen en de inkleuringen. Hij zorgt wel nog steeds voor de dialogen en verhaallijn. Op de vraag wat het lievelingsalbum is van Merho, gaf hij in 1997 volgende vier titels als antwoord: Album 26, De taart, Afgelast wegens ziekte en Schiet niet op de pianist. In het begin van 2002 voegde hij er nog drie titels aan toe: De Simstones, De S van pion en het feestelijke nummer De Heeren van Scheurbuyck. Op 10 december 1983 ontving Merho te Turnhout de tweejaarlijkse 'Stripgidsprijs' (ook wel gekend als 'De Bronzen Adhemar'). De jury bestond uit Willy Vandersteen, Marc Sleen, Bob De Moor, Hec Leemans, Frank-Ivo Van Damme, Kees Coenders, Manu Manderveld en Jan Smet. De prijs, een bronzen beeldje dat stripfiguur 'professor Adhemar' (Nero) voorstelt, kreeg Merho voor de originele en geestige wijze waarop hij met Kiekeboe de traditie van de goede Vlaamse dagbladstrip voortzet. Ondertussen heeft Merho zelf de plaats in de jury overgenomen van zijn jeugd-idool Bob De Moor. In 1991 kreeg hij dan de 'Prijs voor de beste Vlaamse serie' van de Vlaamse Kamer van Stripexperten. In augustus 1998 ontving Merho het 'Gouden Potlood' te Middelkerke, voor zijn aandeel in de Vlaamse stripwereld en voor de verschijning van de verschillende dialect-versies van Kiekeboe. In 2002 bestaat Kiekeboe 25 jaar en dat wordt gevierd met de tentoonstelling Kiekeboe Zilver te Antwerpen, Gent en Zoersel en op 15 november wordt Merho tot ereburger van Zoersel benoemd. Merho werkt sinds 1986 niet meer alleen aan de Kiekeboe-verhalen. Er zijn in de loop der jaren enkele medewerkers geweest die sporadisch hebben meegewerkt, maar de huidige vaste medewerkers zijn Peter Koeken en Dirk Stallaert. Deze laatste is de opvolger van Rik Dewulf. Rik Dewulf schetst de tekeningen van Merho verder uit. Hij werkte voor het eerst mee sinds Een witte Kerst. Sinds 1994 schetst hij (bijna) alle Kiekeboe verhalen. Hij probeert ook met eigen reeksen als Happy (jarenlang in de Stip-krant en ook in Suske & Wiske Weekblad) en Koning Arthur (ondermeer in Suske & Wiske- en Kiekeboe familiestripboeken). Hij combineerde enkele jaren Kiekeboe met een deelname in Studio Max, dat Stam & Pilou tekent. Sinds januari 2003, met de komst van Dirk Stallaert, legt zich toe op zijn eigen carriere. Peter Koeken en Merho kennen elkaar al van Merho's periode bij Vandersteen. Zij werkten samen aan Tits, de reeks die Peter Koeken later van hem over nam. Vanaf Het witte bloed zet Peter Koeken Kiekeboe in inkt. Dirk Stallaert tekende ondermeer Nero voor Marc Sleen en bij het stopzetten van de reeks koos hij uit verschillende aanbiedingen om Kiekeboe te gaan tekenen, vanaf januari 2003. Hij nam grotendeels het tekenwerk over, waardoor Merho zich meer kon toeleggen op de verhaallijnen. [bio Dirk Stallaert] In 2005 volgt Dirk Stallaert, die op dat moment ook al twee nieuwe reeksen gestart is met Urbanus, zijn jeugdsentiment, en hij stapt over naar Suske en Wiske. Merho vindt twee nieuwe Kiekeboe-tekenaars met Steve Van Bael en Thomas Du Caju. Resi Van Treeck heeft samen met Ria Smits (Merho's echtgenote) heel wat verhalen ingekleurd, maar tegenwoordig gebeurt de inkleuring volledig met de computer, door Ria. Naast Dewulf en Koeken hebben ook vele andere medewerkers meegewerkt aan de Kiekeboe albums. Enkele andere bekende namen die een bijdrage geleverd hebben zijn Erik Meynen voor de decors in Kiekeboe in Carré en Claus Scholz (de vaste medewerker van Hec Leemans) die verantwoordelijk is voor de reclamespots in De spray-historie. Tot slot nog enkele citaten van Merho over zijn werk: "Ik ben een scenarist, en zeker geen tekenaar pur sang. Ik maak geen strips omdat ik zonodig moet tekenen. Ik wil verhalen vertellen. Dat zie je ook aan mijn stijl. Het leukste is die plot bedenken, dat verhaal zien komen." "Ik lees geen krant, ik verknip ze. Wie na mij komt, ziet gaten. Het grote nieuws hoef ik zo niet. Maar de kleine berichtjes, die knip ik uit, die gebruik ik." "Kiekeboe is amusement voor jong en oud. Punt. Niet te moeilijk doen. Een overzichtelijke bladindeling en avonturen-verhalen vertellen met veel humor erin, daar leent het stripverhaal zich het beste voor." |
|||||||
|
laatste aanpassing
|
||||||||


